|
Juridische aspecten rondom
het drugsbeleid in Nederland.
De belangrijkste doelstelling van het Nederlandse drugsbeleid is het voorkomen en beperken van de risico's ,
die met drugsgebruik gepaard gaan, zowel voor de drugsgebruiker, zijn omgeving , als de maatschappij.
Er wordt geprobeerd het aanbod van drugs te beperken door bestrijding van de georganiseerde misdaad,
die de drugshandel voor zijn rekening neemt.
De verantwoordelijkheid voor het drugsbeleid wordt gedeeld door door de Ministerie van Volksgezondheid,
Welzijn en Sport, het Ministerie van Justitie en het Ministerie van Binnenlandse zaken.
Het Ministerie van VWS is verantwoordelijk voor de algemene coördinatie, de preventie en de
hulpverlening rondom drugs. Het ministerie van Justitie is uiteraard verantwoordelijk voor de
strafrechtelijke zaken en dat van Binnenlandse zaken voor lokaal bestuur en politie.
Ook op lokaal niveau is er sprake van zo,n samenwerking. Dit wordt het driehoeksoverleg genoemd
en vindt plaats tussen de korpschef van de plaatselijke politie, de burgemeester en de officier van Justitie.
De belangrijkste wet op het gebied van drugs is de opiumwet. Deze wet kent twee lijsten van middelen.
Op lijst 1 staan de zogenaamde harddrugs, zoals heroïne, cocaïne, en XTC, lijst 2 omvat alleen softdrugs,
zoals wiet en hasj. Dit werkstuk behandelt alcohol en de softdrugs wiet en hasj.
Het verschil tussen de middelen van lijst 1 en lijst 2 is dat de drugs in lijst 1 onaanvaardbare risico's
voor de volksgezondheid met zich mee brengen. De strafrechtelijke maatregelen tegen het handelen in
en het gebruiken van drugs uit lijst 1 zijn zwaarder dan tegen de middelen van lijst 2. Maar in feite zijn
produktie, handel en bezit van alle drugs strafbaar, behalve wanneer er sprake is van gebruik op medische
of wetenschappelijke gronden. Hiervoor moet dan wel toestemming voor zijn gegeven, dit is wettelijk geregeld
Maar er zijn ook andere wetten met betrekking tot drugs, zoals de "pluk-ze wet. Deze wet maakt het
mogelijk om door drugsmisdadigers verkregen voordeel uit drugshandel ongeldig te maken.
Ook bestaat de wet " Melding Ongebruikelijke Transacties. Deze wet verplicht de banken om
ongebruikelijke geldtransacties te melden aan Justitie. Men hoopt hiermee het witwassen van geld,
dat aan drugshandel is verdiend te bemoeilijken.
Bij het bepalen van de strafmaat kent de wet strafverzwarende omstandigheden, zoals de verkoop
van drugs aan jongeren of psychiatrische patienten. Bekend is dat er niet alleen zware drugsmisdadigers zijn,
die veel geld verdienen aan handel in grote hoeveelheden drugs, maar dat ook veel drugsgebruikers voorzien
in de kosten van hun eigen drugsgebruik door kleine hoeveelheden drugs aan andere gebruikers te verkopen,
het zogenaamde "dealen. Ook werkt het verslaafd zijn aan drugs de kleine criminaliteit, zoals het stelen van
fietsen en autoradio,s en het zakkenrollen in de hand. De bedoeling van de overheid bij het bestraffen van deze
overtredingen is dat de straf niet schadelijker voor de drugsgebruiker is, dan het drugsgebruik zelf.
Bovengenoemde zaken spelen natuurlijk met name een rol in de bestrijding van hard drugs.
|