TERUG

 De werking van nicotine:

 

Nicotine werkt als acetylcholine op de zenuwreceptoren. Ze wekken
vooral verschillende reacties bij spieren op. Acetylcholine wekt in
tegenstelling tot nicotine alle soorten van reacties op met
spierverkrampingen als gevolg. Dit soort reacties ontstaan in korte tijd, en
zijn van korte duur. Deze receptoren kunnen worden gevonden in de ganglia
van het autonome zenuwstelsel, de neuromusculaire synaps en in zenuwbanen
van de hersenen. Nicotine heeft als gevolg op deze synapsen dat minder (tot
geen) natrium bij het postsynaptische membraan wordt doorgelaten, waardoor
een vervolg-signaal moeilijker wordt teweeggebracht.

De schadelijkheid van nicotine:

Nicotine is zeer giftig. 70 miligram geconcentreede nicotine is
dodelijk giftig voor een gemiddelde volwassen man. Sommige sigaretten
bevatten 2 miligram nicotine. Een overdosis kan tot prikkeling van de cortex
(hersenschors) leiden. Gevolgen zijn stuiptrekkingen en hartritme
stoornissen. Daarop kunnen coma, respiratiore depressie (vermindering van
ademhalingsbewegingen), hartstilstand, ventriculaire fibrillatie
(ongecontroleerde bewegingen van de hartkamers) en tenslotte de dood volgen.
Nicotine veroorzaakt veranderingen in de hormoonspiegel. Onder andere door
de hypofyse achterkwab en het bijniermerg te stimuleren.

Nicotine veroorzaakt ook onder andere dat epinephrine (adrealine)
wordt vrijgelaten. Nicotine geeft hierdoor een tijdelijke stimulatie, daarna
een depressie in het symphatische en centrale zenuwstelsel. De adrealine
veroorzaakt dat glyogenen (suikers) uit de lever worden vrijgelaten. De
suikervoorraad raakt sneller op en je bent sneller moe. Dit is vooral het
verslavende effect. (dit is overigens niet scadelijk)

Nicotine verhoogt de aanmaak van ADH (antidiuretisch hormoon,
vasopressine). Gevolgen zijn contractie van de gladde spieren, en een
vergrote renale tubulaire water terugresorptie (wat inhoudt dat meer water
geresorbeerd wordt, en het urine gehalte omlaag gaat). Ook gaat de
darmmotiliteit omlaag en de aanmaak van zweet hierdoor omhoog. (dit is
overigens in normale gebruikshoeveelheden niet schadelijk)

Andere hormonen die aangemaakt worden zijn noradrealine, serotonine
en vasopressine. Deze hebben allen cardiovasculaire (hart en vaat stelsel)
en neuroncardiovasculaire (hart vaat en zenuwstelsel) gevolgen.

Nicotine en ADH veroorzaken vernauwingen van de bloedvaten,
aderverkalking en proppen in het bloed. De hartslag en bloeddruk gaan
omhoog. Omdat de kleine slagaders venauwen, vermindert de doorstoom van
bloed. Onder andere zakt de gemiddelde temperatuur van vingers en tenen bij
rokers met 2.9 ºC.
Een erger gevolg is thromboangiitis obliterans (verstoppingen in de
bloedvaten).
Veel rokers krijgen hartinfarcten (2,4x vaker dan niet-rokers). Veel mensen
denken dat longanker het grootste gevaar is, aangezien rokers 20x vaker dan
niet-rokers longkanker krijgen. Mensen overlijden 11,5x vaker aan
hartinfarcten dan longkanker. Hierdoor sterven mensen die roken 1,4 maal
vaker aan een hartinfarct dan aan longkanker.
 Een ander gevaar van nicotine is aneurysma aortae (een verdunde,
verzwakte wand van de aorta). De aorta neemt een ballonvorm aan en kan
scheuren, als er niet op tijd wordt ingegrepen. Dit komt 3,2x vaker bij
rokers voor.

De positieve kanten van nicotine:

Nicotinische agonisten (de groep stoffen waar nicotine toe behoort)
kunnen misschien een oplossing zijn in het behandelen van aandoeningen aan
het zenuwstelsel als: de ziekte van Alzheimer, de ziekte van Parkinson, en
chronische pijnen. Stoffen als Epibatidine hebben mogelijke verdovende
werkingen. En de stof ABT-418 bevat stimulerende werkingen op het
zenuwstelsel. Deze stof lijkt uiterst veel op nicotine. Of bij nicotine in
de toekomst geneeskrachtige werkingen als deze gevonden kunnen worden is
onduidelijk.